Het korte antwoord
Voor de meeste woningen in Nederland: elke acht weken. In een stadscentrum of aan een drukke doorgaande weg elke vier. Staat uw huis rustig en vrij, dan is drie of vier keer per jaar genoeg — en wie u vaker verkoopt dan uw situatie vraagt, verkoopt u een abonnement en geen schone ramen.
Wat glas vuil maakt, is bijna nooit "stof" in het algemeen. Het zijn drie dingen met elk hun eigen ritme: uitlaatgas en remstof van verkeer, stuifmeel in het voorjaar, en zout- en zandneerslag die met regen en wind meekomt. Een huis aan de Amsterdamsestraatweg krijgt het eerste in een week zoveel als een huis in een hofje in een maand. Daarom is de vraag niet "hoe vaak" maar "waar staat het huis".
Er is één praktische grens die de meeste mensen verrast: aanslag die is opgedroogd en opnieuw nat geworden, hecht zich vast. Zolang u wast voordat dat is gebeurd, is het werk snel en dus goedkoop. Wacht u tot het glas zichtbaar dof staat, dan moet er losgeweekt worden en kost dezelfde beurt meer tijd. Dat is de echte reden dat een vast interval per beurt goedkoper is — niet de korting, maar het feit dat er minder werk aan zit.
Binnenruiten zijn een ander verhaal. Die worden vuil van koken, kaarsen, roken en huisdieren, en dat gaat veel langzamer dan de buitenkant. Twee keer per jaar binnen tegenover zes keer buiten is voor de meeste huishoudens de juiste verhouding. Wie binnen even vaak laat doen als buiten, betaalt voor iets dat niet vies was.
En dan het eerlijke deel: als u een vrijstaand huis heeft in het buitengebied, met weinig verkeer en geen bomen ertegenaan, dan is vier keer per jaar prima en is acht keer weggegooid geld. Wij zeggen dat liever nu dan dat u het na een jaar zelf concludeert.
Onthoud dit
- Acht weken is voor de meeste Nederlandse woningen het juiste ritme.
- De ligging bepaalt het antwoord, niet het type huis of het aantal ramen.
- Binnen hoeft maar een derde zo vaak als buiten — betaal daar niet voor.